Ik ben gekend
Jij bent gekend! God kende je al voordat je geboren werd – zelfs al voor de wereld bestond, zegt Paulus in Efeze 1. Psalm 139 laat zien hoe diep dat kennen gaat: God weet alles van je, tot in de kleinste details, en Hij kende je al toen je nog niet eens gevormd was in de moederschoot.
Dat kennen is meer dan feitenkennis. Het is intiem, zoals blijkt uit een Bijbels woordje dat zowel voor “God kent mij” als voor de liefde tussen twee mensen gebruikt wordt. Net als Abraham en Mozes, die God persoonlijk kende bij naam, mag jij weten dat je nooit uit Gods gedachten bent. In het Narnia-boek De Reis van het Drakenschip zegt Edmund over de leeuw Aslan iets treffends: niet “ik ken hem” is het belangrijkste, maar “hij kent mij.” Zo is het ook met jou: wie je werkelijk bent, hangt niet af van hoe goed jij God kent, maar van het feit dat Hij jou door en door kent – en dat Zijn oog nooit van je afgewend is.